by Marije | aug 26, 2021 | Allergie Blog, Nieuwsberichten |
Het eten van bloemen
Bloemen als garnering of door salades… het lijkt trendy in restaurants. Maar vroeger al plukten mensen naast vruchten ook bloemen als aanvulling op hun maaltijd. Toch blijft het eten van bloemen voor veel mensen een ‘ver van mijn bed show’.
Het is te begrijpen dat de consument zich wel twee keer bedenkt als er paardenbloemen, madeliefjes of brandnetels worden geserveerd. We associëren deze planten en bloemen meer met een wandeling op zondag door bossen en velden dan met een culinaire aanvulling op dagelijkse kost. En zeker voor mensen met een voedselallergie is het natuurlijk extra opletten of ze bepaalde planten en bloemen kunnen eten zonder dat er een allergische reactie ontstaat. Over het algemeen geldt dat als je van nature gevoelig bent voor allergieën (hooikoorts, astma) er een kans bestaat dat je een reactie kunt krijgen op het eten van bloemen.
Er zijn echter maar weinig allergische reacties op bloemen bekend. Deels omdat waarschijnlijk weinig mensen bloemen consumeren, maar misschien ook omdat er gewoonweg geen reacties optreden. Diëtist Sacha Visser laat weten: ‘Er kan waarschijnlijk niet zo veel misgaan met het eten van bloemen; een te strikte benadering door mensen met voedselallergie lijkt niet nodig.’
Allergie of niet: je kunt beslist niet alle bloemen eten, want vele zijn giftig. Check dus altijd vooraf goed of ze geschikt zijn voor consumptie. Check ook de botanische namen, want de Nederlandse naam kan verwarrend zijn. Zo is de roos (Rosa) eetbaar, maar de kerstroos (Helleborus) giftig! En eet alleen bloemen die geteeld zijn zonder bestrijdingsmiddelen, dus bij voorkeur uit eigen tuin.
Moestuin
Waarom zou je eigenlijk bloemen eten? Dat is met name voor de smaak of voor de garnering van je gerecht of bord. Sommige bloemen smaken pittig, kruidachtig of fris. Er zijn bloemen die minder smaak bevatten, maar het heel goed doen als versiering. Het is vooral erg leuk om bloemen die je zelf hebt gezaaid of die je tegenkomt in de natuur te plukken en toe te voegen aan je eten. En dat weet ik uit eigen ervaring…
Sinds een paar jaar ben ik de trotse eigenaar van een grote volkstuin. Wat door veel vrienden en bekenden aanvankelijk werd gezien als tijdrovend en een redelijk kansloos project naast mijn werk en gezin bleek uiteindelijk een schot in de roos op meerdere vlakken. Niet alleen leverde het tuinieren mij rust en buitenleven op, ook mijn gezin profiteert inmiddels aardig van groenten en fruit uit eigen tuin. Pruimenjam, frambozenjam, aardappels, knoflook, sla en overige groenten: te veel om op te noemen. Ik ben vooral blij met de aanleg van een ‘pluktuin’, waar ik vanaf het vroege voorjaar tot laat in de herfst mijn verse bloemen kan plukken. Ook de eetbare varianten maken daar onderdeel van uit. Hieronder volgen enkele voorbeelden van bloemen uit eigen tuin.
Oost-Indische kers (Tropaeolum majus)
Alles is sierlijk aan deze topper, die afkomstig is uit Zuid-Amerika. Bovendien zijn alle onderdelen van deze plant eetbaar; niet alleen de mooie rode, oranje of gele bloemen, maar ook de bladeren en de steeltjes van de plant. De smaak lijkt een beetje op peper en is fris en pittig tegelijk. Je kunt gerust veel plukken, want dat deert de plant niet. Er wordt ook wel gezegd dat de plant woekert, maar dat heb je uiteraard zelf in de hand. Hij klimt over de grond of omhoog en ook in potten doet dit kruid het goed. De blaadjes kun je bijvoorbeeld op brood eten en de bloemen zijn erg mooi in een salade of gewoon op je bord.
In boeken vind ik terug dat het kruid medicinaal weinig wordt gebruikt, maar dat het blad antiseptisch is (en tegen ontstekingen zou helpen) en dat het vol vitaminen en mineralen zit. Ook zou het eten van Oost-Indische kers goed zijn voor je haar en je huid. Er is wel een waarschuwing om niet te veel van deze plant te eten: niet meer dan 30 gram per dag en per keer niet meer dan 15 gram. Over allergische reacties wordt niet gesproken. Mijn voedselallergische dochter heeft enkele keren een bloem geproefd en dat leverde geen problemen op.
Goudsbloem (Calendula officinalis)
Deze bloem is één van mijn favorieten: makkelijk om te telen, dankbaar en prachtig van kleur. De goudsbloem bloeit uitbundig en langdurig; soms staan er nog enkele overblijvers in november te stralen in de tuin. De goudsbloem komt uit Zuid- en Midden-Europa en Azië, maar een echt wilde vorm is niet meer te vinden. Het succes dankt deze plant aan zijn eenvoudige teelt, ook in potten op terras of balkon. Niet alleen is de plant heel sierlijk, maar ook nuttig en heilzaam. De meest gebruikte toepassing van de goudsbloem is in calendulazalf. Dit smeersel wordt onder meer gebruikt bij brandwonden, kloofjes en een schrale huid. De zalf kan een overvoeligheidsreactie geven in de vorm van huidirritatie.
Zelf gebruik ik de bloemen voor garnering in salades en voor thee. Een complete bloem of de bloemblaadjes van twee bloemen kun je samen met een paar blaadjes citroenmelisse in een kopje heet water laten trekken. Aan het einde van de zomer pluk ik vaak nog wat bloemen om te drogen voor thee in de winter. Het advies is om niet meer dan drie kopjes thee per dag te drinken. En begin met een klein beetje om te controleren of er geen allergische reactie optreedt.
Borage of Bernagie (Borago officinalis)
Een andere naam voor deze plant is komkommerkruid en dat is precies waar de kleine blauwe bloemetjes naar smaken: naar komkommer. Ook het blad heeft een beetje die smaak. Fijngehakte blaadjes zijn erg lekker in een salade, maar de blauwe bloemetjes zijn wel de pareltjes van deze plant. Het blad van de bernagie bevat veel minerale zouten. Aan bernagiethee wordt een koorts- dempende werking toegeschreven, mits je hem heet drinkt. Zowel de bloemen als de blaadjes zijn bloedzuiverend. Volgens de oude Grieken en de Romeinen zou het toevoegen van de blauwe bloemetjes aan wijn de drinker heel gelukkig maken… En het schijnt dat Lodewijk XIV zo onder de indruk was van de kleur van de bloemen dat deze planten massaal zijn aangelegd in de tuinen van Versailles. Ik gebruik vooral de blauwe bloemen in de sla, maar veel bloemen laat ik in de tuin staan voor de insecten die er graag op af komen.
Waarschuwing: het langdurig gebruik van bernagie werkt verkeerd uit op de huid en kan allergische reacties stimuleren. Een enkel bloemetje los eten heeft bij mijn allergische dochter nog geen reacties veroorzaakt.
Klaproos (Papaver)
De klaproos als lid van de papaverfamilie is een bijzondere plant, die overal in Nederland te vinden is. Van het gestolde melksap uit de onrijpe zaadbollen komt rauwe opium, dat onder andere wordt gebruikt voor het medicijn codeïne.
Mijn tuin staat vol met klaprozen en ook al bloeien ze kort en heeft plukken weinig zin (ze zijn al verlept voordat je thuis bent), toch vind ik ze een aanwinst. De plant zaait zich heel snel uit, dus na een jaar had ik ineens overal klaprozen staan. De bloemen van de klaproos kun je eten in bijvoorbeeld salades. Ik vind de smaak niet heel bijzonder, maar de bloem is wel heel mooi op je bord.
Waarschuwing: niet alle klaproosvarianten zijn geschikt voor consumptie. Wel de bloemen van de ruige klaproos (Papaver argemone), bleke klaproos (Papaver dubium) en de bastaardklaproos (Papaver hybridum). Goed kijken, determineren en op internet zoeken is echt nodig. En bij twijfel niet plukken en eten.
Opeten of In de vaas?
Er is nog veel meer eetbaars te beschrijven en er zijn heel veel bloemsoorten geschikt voor consumptie. Blijft het toch een ‘ver van mijn bed show’? Het kijken naar bloemen in je tuin blijft iets wat je heel gelukkig kan maken. Onderstaande foto toont mijn dilemma uit de tuin: de artisjok – die eigenlijk ook een bloem is – plukken en opeten of toch als bloem in een vaas. Ik wens jullie een bloemrijke zomer!
Marije Bedaux //
by Marije | dec 2, 2020 | Allergie Blog, Artikelen, Nieuwsberichten |
Niezen en benauwdheid… is het corona of ‘gewoon’ een verkoudheid of astma?
Even terug in de tijd. Het is september. De scholen zijn weer begonnen en hier in huis komen klachten zoals keelpijn, snotneuzen en soms koorts weer binnenzeilen. Dus moet er worden getest. Gelukkig is het geen corona. Het najaar en de winter is een uitdaging voor mensen met (voedsel-)allergie, zeker als dat gepaard gaat met astma of allergie voor huisstofmijt. Want zij hebben vaker dan anderen te maken met klachten die veelal overeenkomen met symptomen die ook coronapatiënten ervaren. En dan steeds testen? Het blijft ingewikkeld.
Hoe complex het soms kan zijn, merkten we tijdens de zomervakantie. Onze dochter Tess moest niezen, kreeg een snotneus en ook benauwdheidsklachten. Dat gebeurt vaker. Bij dergelijke klachten neemt ze haar medicijnen (bijvoorbeeld een anti-histaminicum of Ventolin/puf), waarna de symptomen na verloop van tijd verdwijnen. Niets aan de hand, zou je denken.
Helaas was dit niet zo eenvoudig uit te leggen aan de organisatie van een zomerkamp waar Tess voor een week zou verblijven. We moesten een negatieve corona-testuitslag overhandigen; daarna was ze eventueel welkom. Begrijpelijk, maar ook wel erg lastig als je twee dagen moet wachten op een test en vervolgens even zo lang op de uitslag.
Dubbel pech
Maar wat de situatie extra ingewikkeld maakte, is het feit dat onze dochter niet graag communiceert over haar allergie, benauwdheid of überhaupt over iets wat met haar lijf te maken heeft. Liever dit soort gesprekken weglaten, als het aan haar ligt. Begrijpelijk voor kinderen in die leeftijdscategorie en in het bijzonder voor personen die ook wat introverter van aard zijn. Voor onze dochter resulteerde het wachten met het openlijk bespreken van haar gezondheid in dit geval in een uitsluiting van een evenement (want we kregen het niet op tijd geregeld). Dubbel pech.
Beter opletten?
Enige tijd heb ik mij daarover schuldig gevoeld. Hadden we helemaal niet opgelet? Was zij bewust ons wat meer uit de weg gegaan, terwijl de klachten al enige tijd aanwezig waren? Dat was ons echt ontgaan. Hoelang had ze deze klachten al en hoe serieus? Hadden wij als ouders zo vlak voor een kamp nog beter moeten opletten?
Aan de ene kant valt er wat voor te zeggen dat je juist in deze tijd van een pandemie extra alert bent op klachten bij je kind, zoals niezen of hoesten en ook op het nemen van een puf. Maar aan de andere kant wil je toch ook niet als een soort politie de gezondheid controleren, checks uitvoeren of steeds maar vragen of je puber zich wel goed voelt. Met als risico dat je kind elk gesprek uit de weg gaat of gaat twijfelen aan eigen gevoel of regie over gezondheid.
Natuurlijk zijn we thuis sinds het coronavirus rondwaart intensief bezig met handen wassen, afstand houden en alle andere voorschriften. Ook de kinderen zijn zich hier bewust van en houden zich best goed aan de vereiste maatregelen. Maar onze dochter die regelmatig kampt met neusverkoudheid of benauwdheid hadden we misschien toch explicieter moeten zeggen dat ze dergelijke klachten niet ‘wegmoffelt’ of doet alsof het allemaal wel meevalt…
Goed gesprek
Herkenbaar? Mijn advies zou zijn om een goed gesprek te voeren met kinderen die oud genoeg zijn om dit te kunnen begrijpen en uitleggen dat openheid en eerlijkheid over je gezondheid juist in deze periode heel belangrijk is. En dat juiste communicatie kan voorkomen dat er misverstanden ontstaan.
Maar teveel op de huid zitten lijkt mij voor niemand prettig. Ik moest ineens denken aan een grappige uitspraak tijdens een theatervoorstelling over pubers. Ze werden in dit theaterstuk vergeleken met kamerplanten: ‘… een beetje zonlicht en wat water en verder vooral met rust laten.’ Niet te veel lastige gesprekken weglaten, maar toch vooral veel loslaten: een hele kunst voor ouders van allergische kinderen. Zeker als er een pandemie gaande is.
Marije Bedaux // redactielid en coach
by Marije | jun 18, 2020 | Allergie Blog, Ervaringen, Nieuwsberichten |
Het is begin maart als ik Diederik Hoebée spreek over zijn zelfgebouwde Allert-app (Allergie + Alert = Allert), over voedselallergie en reizen, en over zijn hobby’s fotograferen en koken. Aan tafel zit een positief mens met een open blik op de wereld en vastbesloten om voedselallergie in ieder geval geen belemmering meer te laten zijn om op reis te gaan.
Diederik is erg allergisch voor pinda en melk. Ook vermijdt hij sojaproducten. In zijn jeugd kwam daar nog de allergie voor ei bij. Deze allergie kan hij gelukkig sinds zijn puberteit van zijn lijstje strepen.
Na zijn geboorte maakt Diederik het zijn ouders niet eenvoudig. Als baby huilt hij veel en hij heeft last van zijn darmen. Het wordt een zoektocht naar een antwoord op de vraag waarom hij zo veel en zo vaak moet huilen. Voedselallergie is geen bekend fenomeen binnen de familie, maar zijn opa vat het idee op om een druppel melk op zijn huid te doen. Er volgt al snel een heftige allergische reactie in de vorm van een grote zwelling van zijn huid. Daarna komt er een antwoord op de vraag waarom Diederik zo veel moet huilen en wordt bekend met welke voedselallergieën hij rekening moet houden.
Levendige herinnering
Diederik vertelt ‘niet beter te weten’ dan dat hij leeft met voedselallergie en met de daarbij behorende beperkingen. Maar hij geeft ook eerlijk toe dat het hem als kind niet altijd makkelijk afging om tegen elke traktatie in de klas ‘nee’ te moeten zeggen.
Een incident dat hem is bijgebleven als een levendige herinnering betreft het eten van iets lekkers op school waarin pinda blijkt te zitten. Hij vertoont een heftige allergische reactie, maar de docent vindt dat hij maar rustig moet wachten totdat de school uit zou gaan en zijn moeder hem zou komen halen. Hij weet nog dat hij echt erbij moest blijven en rustig moest ademen. Gelukkig is dit met een sisser afgelopen.
Hij leert streng te zijn voor zichzelf op het gebied van voeding en hygiëne, en ook het ‘nee’ zeggen tegen voedsel dat hem niet past gaat hem steeds makkelijker af.
Diederik is niet het type dat snel bij de pakken gaat neerzitten, zoals hij zelf zegt. Door zijn allergieën heeft hij gedisciplineerd leren leven en daar heeft hij zijn hele leven profijt van gehad. ‘Ik heb van de nood een deugd gemaakt.’ Omdenken, zo zou je kunnen zeggen. En deze instelling heeft hem veel goeds opgeleverd.
Computers
In zijn jeugd toont Diederik een grote voorliefde voor computers. Al vrij snel ontwikkelt deze grote interesse zich tot het bouwen van websites. Sinds zijn veertiende is hij al op professioneel niveau bezig met de constructie van een discussieforum voor videogames online.
Na zijn middelbare school kiest hij voor een studie op het gebied van marketing en communicatie, maar zijn grote belangstelling blijft uitgaan naar de wereld van het internet en de computers. Tijdens zijn studie bouwt hij websites voor verschillende klanten en na zijn studie gaat hij aan de slag bij een softwarebedrijf.
Daar ontmoet hij een collega-programmeur met wie hij een goede band opbouwt en met wie hij later ook aan de Allert-app zal werken. Vanwege financiële problemen van het bedrijf besluit Diederik na ruim drie jaar dat hij zijn heil elders gaat zoeken en neemt hij ontslag.
Verlangen naar reizen
Voor hem is dan de tijd aangebroken om een aantal zaken op een rijtje te zetten. Wat wil hij graag bereiken in zijn volgende baan? Wat drijft hem? Maar ook heeft hij last van het feit dat hij zich door zijn voedselallergie belemmerd voelt om op reis te gaan. Azië staat al lang op zijn wensenlijst, maar vanwege zijn pinda-allergie in combinatie met de taalbarrière heeft hij deze reis tot zijn grote frustratie nooit aangedurfd.
Toch is het verlangen naar het ontdekken van de wereld zo groot dat hij op zoek gaat naar een manier om wél op reis te kunnen gaan. Hij besluit contact te zoeken met zijn oud-collega van het softwarebedrijf om samen met hem te brainstormen over een nieuwe app die hij wil gaan ontwikkelen. Zo ontstaat een kale versie van de Allert-app.
Diederik is helder als het gaat om zijn rol in dit proces. Hij heeft weliswaar verstand van computers, maar de rol van zijn oud-collega als programmeur is essentieel. Zelf is hij betrokken als projectleider en planner, en UI/UX-ontwerper. Zijn marketing-opleiding komt nu handig van pas als hij moet nadenken over de vormgeving van de app, de vertaling in diverse buitenlandse talen en ook de rol van sociale media bij de constructie van de app en de website.
Eerste versie van Allert en op reis
In 2016 gaat Diederik het grote avontuur aan met een eerste versie van de app. Hij reist naar verre landen zoals Japan, Thailand, Taiwan, Zuid-Korea, de Filipijnen en Indonesië. Tijdens zijn exotische avontuur maakt hij regelmatig gebruik van zijn eigen ontwikkelde app. Heel handig, want in al deze landen kan hij gebruik maken van de app dankzij de verschillende vertalingen die worden gebruikt. De app ondersteunt veertien allergieën in 44 verschillende talen. Alle vertalingen zijn uitgevoerd en gecontroleerd door native speakers. De weergave is gecoördineerd door een vertaalbureau.
Tijdens zijn reis in Indonesië probeert Diederik de app uit in een lokale eettent, of beter gezegd een stalletje langs de weg, waar ze maar één soort gerecht verkopen. Hij laat zijn allergieën lezen in de lokale taal en maakt zo duidelijk wat voor hem absoluut niet mogelijk is om te eten. Om er toch zeker van te zijn dat er geen fouten worden gemaakt, blijft hij tijdens het koken steeds blikken werpen in de potten en pannen. Het eten smaakt heerlijk en gelukkig vertoont Diederik geen allergische reacties. Een grote overwinning! De foto’s op deze pagina’s zijn het bewijs.
Tevreden met resultaat
Na het bezoek aan meerdere Aziatische landen heeft de app van Diederik zichzelf bewezen. Eenmaal in Australië verblijft hij een paar maanden op een eiland waar hij via internet samenwerkt met zijn collega in Nederland.
Wel loopt hij aan tegen het feit dat het zijn eigen investering blijft (en die van zijn mede-oprichter en oud-collega) en dat iedere cent die hij wil inzetten voor verdere uitbreiding en promotie door hem zelf moet worden betaald. Daar ligt voor hem de grootste uitdaging. Diederik is tegelijkertijd trots op zijn werk. ‘Een app in de app-store krijgen valt niet mee. Apple stelt strenge toelatingseisen. Het feit dat alleen dat al is gelukt, vind ik cool.’
Ook heeft hij kunnen ervaren hoe het is om gebruik te maken van de app en heeft hij daardoor een geweldige reis kunnen maken. En natuurlijk hoopt hij op deze manier andere mensen met voedselallergie te stimuleren om het avontuur aan te gaan en dromen waar te maken. ‘Laat je voedselallergie je niet in de weg staan om de wereld te verkennen.’
Na zijn reis is hij begonnen aan een nieuwe baan en werkt hij in de IT-sector: de ontwikkeling van zijn eigen app vormt een mooie basis voor de voortzetting in deze branche. De Allert-app blijft zijn tweede business, naast zijn hobby’s fotografie en koken. Een bezige bij en nooit klaar met het volgende project. ‘Ik doe alles om een kantoor te ontvluchten.’
Lekker eten
Koken vindt hij een leuke tijdsbesteding: hij staat heel graag in de keuken. Zonder pakjes en zakjes koken is voor hem een gebruikelijke manier van het bereiden van voedsel. En etiketten checken in de supermarkt is een gegeven. Hij is een grote liefhebber van barbecueën, pulled pork en smokey ribs. Ook Indonesisch eten blijft favoriet, maar dan wel zonder pindasaus. Op de vraag wat hij het liefste zou willen eten als hij niet meer allergisch zou zijn, weet hij al snel ‘kaas’ te benoemen als een welkome aanvulling. Ook echte roomboter lijkt hem heel smakelijk.
Droom
Diederik hoopt dat de app een succes wordt en dat hij op enig moment door het verdiende geld als ondernemer zijn eigen bedrijf kan opstarten. Ook heeft hij veel ideeën over het toevoegen van nieuwe functionaliteit, meer talen en allergieën, samenwerkingen met restaurants en over het vormgeven van een ‘community’ op het gebied van voedselallergie. ‘Het ideaalbeeld voor de app is dat het de one-stop- shop oftewel ‘het Zwitserse zakmes’ wordt voor mensen voedselallergie. We willen ook een Android/Samsung-versie maken, maar daar hebben we tijd en geld voor nodig.’
Hij wil nog niet alle geheimen prijsgeven, maar dat er veel staat te gebeuren in de toekomst is een ding dat zeker is…
Marije Bedaux //
iPhone-bezitters kunnen voor € 3,49 de ALLERT-app downloaden. Er is geen dataverbinding nodig om de app te gebruiken.
by Marije | mei 18, 2020 | Allergie Blog, Artikelen, Geen categorie, Nieuwsberichten |
Hoe doe je dat, zo’n buitenlandse schoolreis?
Superleuk natuurlijk, die buitenlandse reizen op de middelbare school. Ook voor kinderen met voedselallergie. Combineer een goede voorbereiding met vertrouwen en loslaten, is mijn advies. Onze dochter Tess (14) ging naar York in Engeland.
Ooit las ik de quote: ‘Vertrouwen hebben is durven springen zonder dat je hebt gecheckt of er een vangnet is.’ Een mooie uitspraak, die je op verschillende manieren kunt interpreteren. Nu ik dit stukje schrijf, komt er een nieuwsbericht binnen over twee acrobaten in het kerstcircus Carré, die tijdens de act tien meter naar beneden zijn gevallen. Ze maakten geen gebruik van een vangnet, ze hadden dus waarschijnlijk voldoende vertrouwen in hun optreden…
Vertrouwen en voedselallergie
Zeker ook in relatie tot voedselallergie is de uitspraak over vertrouwen en vangnet mijn inziens relevant. Want wat is dat precies, vertrouwen hebben? Wanneer hebben mensen met voedselallergie vertrouwen in bijvoorbeeld het personeel van een restaurant waar ze uit eten willen gaan? Of wanneer heeft iemand met voedselallergie er vertrouwen in dat de omgeving voldoende rekening houdt met de allergieën?
De vraag over vertrouwen was bij ons ineens heel relevant toen onze dochter Tess met de middelbare school vier dagen op reis zou gaan naar York in Engeland. Kon Tess de leiding van de school vertrouwen? En konden wij als ouders ervan op aan dat er voldoende rekening werd gehouden met haar voedselallergie? En in hoeverre hadden en hebben wij als ouders vertrouwen in de zelfredzaamheid van onze dochter op dit vlak?
Tien maaltijden
Vier dagen York met de boot, dat is een heel leuk uitje voor een middelbare scholier die er naar uitkijkt om een paar dagen op pad te gaan met vrienden en vriendinnen in Engeland. Een bootreis met overnachting en diner en ontbijt, logeren in een hostel, eten in een pub en nog veel meer. Wij ouders waren ook heel enthousiast, niet in de laatste plaats omdat onze oudste zoon twee jaar daarvoor erg had genoten van deze reis. We kenden dus al wel een beetje het programma. Maar daarna kwam al vrij snel de vraag bij ons op: hoe past dit programma bij onze dochter met veel voedselallergieën? We telden al snel een kleine tien maaltijden. Tien momenten waarop Tess in een horeca-omgeving dan wel een in een hostel zou eten zonder check vooraf of er voldoende rekening kon worden gehouden met voedselallergie.
In eerste instantie leek het haast een onoplosbare puzzel. Er kwamen allerlei vragen boven als: moeten we dan voor elke dag maaltijden meegeven, kan onze dochter wel volledig meedoen met het hele programma, in hoeverre voelt zij zich op haar gemak tijdens de reis?
Eerste puzzelstukje
Maar zoals met zo veel van dit soort zaken is het goed om met het eerste stukje van de puzzel te beginnen. En in ons geval bestond dat eerste stukje uit een gesprek met Tess en haar zelf de mogelijkheid te geven om haar vragen over de reis in het kader van haar allergie neer te leggen bij haar mentor. Dit bleek niet veel meer op te leveren dan het antwoord: ‘Er is een buffet op de boot en je kunt zelf kiezen wat je kunt eten.’ Tsja. Dat gaf nu niet echt een gevoel van vertrouwen of begrip van de situatie. Er werd weliswaar twee keer op de boot gegeten, maar er bleven toch nog veel andere ‘eetmomenten’ over. En wat te denken over de voeding op de boot zelf? Of de toepassing van de medicatie?
Goed gesprek
Wij ouders vonden het verstandig om toch een gesprek aan te vragen met de mentor, waarin we goed konden aangeven wat er mogelijk was voor Tess en wat ook niet. Ook wilden wij duidelijk maken dat onze dochter medicijnen bij zich draagt voor het geval er een allergische reactie optreedt. En hoe hiermee om te gaan.
Gelukkig pakte dit gesprek goed uit en reageerde de mentor zeer serieus op onze vragen over de locaties en maaltijden. Bij het gesprek was ook een docent betrokken die zou meegaan tijdens de reis. Zij kon ons precies vertellen waar en wanneer er werd gegeten en wat er ongeveer mogelijk was.
Dit gesprek gaf ons veel rust en ook vertrouwen dat leiding voldoende rekening zou houden met de belangen van onze dochter. We kregen wel het advies om een aantal producten naar York mee te nemen om achter de hand te houden. Vooral ook voor het ontbijt in het hostel en voor een aantal tussendoortjes. Zo gezegd, zo gedaan.
Tas met sojadrink en chips
We vroegen Tess vlak voor vertrek om mee te helpen bij het pakken van een ‘extra’ levensmiddelentas. Die vulden we samen met onder meer kleine pakjes sojamelk en geschikte ontbijtgranen, naturel chips, een pak koekjes, wat fruit voor de eerste dag en twee kleine maaltijden uit de vriezer die nog wel een tijdje houdbaar zouden blijven. Ingevroren macaroni die ze altijd kon opwarmen.
Last but not least zorgden we voor geld om onderweg en in York wat te kopen en natuurlijk ook voor de pinpas zodat Tess daar kon pinnen. We hebben nog wel op het laatst geregeld dat ze ook in het buitenland kon pinnen, want dat was in eerste instantie niet mogelijk…
Naast die levensmiddelentas hebben we ook samen goed gekeken naar haar medicijnen en van alles een extra exemplaar meegegeven. En meer was er niet nodig en heel veel meer kun je als ouder ook niet echt doen. Loslaten en ook vertrouwen hebben in de aanpak van je eigen kind. Daar kwam de vertrouwensvraag weer om de hoek kijken. Het lijkt allemaal vrij eenvoudig, zo op papier. Maar hoe ga je hier nu echt in de praktijk mee om?
Eerdere reiservaringen
Vertrouwen is feitelijk niet meer dan een set veronderstellingen over het gedrag van iemand anders. Dit was niet de eerste meerdaagse reis voor Tess zonder ouders, want in groep 8 was zij al op kamp geweest met haar klas en het jaar daarvoor was zij een week meegegaan op voetbalkamp. Wel is er tijdens beide tripjes iets misgegaan op allergiegebied. De eerste keer betrof het een heftige allergische reactie op een kruisbesmetting met pindasaus; de tweede keer een iets mildere reactie op een vegetarische hamburger waarin kippenei zat. Gelukkig kijken wij nu terug op twee situaties met een goede afloop. Door deze eerdere ervaringen heeft Tess, hoe vervelend ook op de momenten zelf, moeten leren vertrouwen te hebben in zichzelf en in haar eigen aanpak.
In ieder geval hebben die ervaringen er niet voor gezorgd dat zij niet meer op reis wil gaan en dat is een grote opluchting voor ons. Inmiddels heeft onze dochter zo veel vertrouwen in zichzelf, dat zij wel een risico durft te nemen.
Drie avonden friet
De reis is heel goed verlopen en Tess kijkt terug op een geslaagde en onbezorgde reis naar het buitenland. Dat zij drie avonden friet heeft gegeten omdat er geen andere maaltijden mogelijk waren voor haar allergieën vond ze niet zo heel erg. Gelukkig maar. Na afloop hebben we zowel de leiding van school als Tess een compliment gemaakt voor de aanpak en het vertrouwen. En voor het durven springen van onze dochter zonder dat zij had gecheckt of er een vangnet hing. En voor Tess was het fijn om te ervaren dat reizen ook zonder problemen mogelijk is… goed voor het zelfvertrouwen!
by Marije | mei 3, 2020 | Allergie Blog, Artikelen, Nieuwsberichten |
Finland, het land van de duizend meren….
Dit jaar heb ik het voorrecht om voor mijn werk twee keer te mogen reizen naar Finland. In februari maak ik voor het eerst kennis met dit land, waar de natuur nooit ver weg is. Op het vliegveld hoor je de vogelgeluiden op de toiletten – weliswaar via een radio – en kijk je naar adembenemend mooie foto’s van bossen, sneeuwlandschappen en meren. Er wordt wel beweerd dat het land meer dan 180 duizend meren kent.
De hoofdstad Helsinki wordt omgeven door water en ook midden in de stad zijn er mooie parken en tuinen. Helsinki is een relatief jonge stad en kent een hoge levensstandaard. Finnen lopen op veel gebieden voor op de rest van Europa, onder andere op het gebied van technologie, wetgeving en onderwijs. Ben je een fan van design, inrichting en servies? Ook dan ben je in hier aan het juiste adres. De stad heeft een positieve sfeer en er valt veel te ontdekken in de musea, winkels en ook op culinair gebied. Het enige nadeel is dat Finland geen goedkope bestemming is, maar op alle gebieden heb ik gemerkt dat je wel waar krijgt voor je geld.
Naast de natuur is er ook altijd wel ergens een sauna aanwezig. In het hotel waar ik logeer kun je al om 7 uur gebruik maken van de ochtendsauna, en ook in mijn Airbnb heeft de host in haar kleine badkamer een sauna verwerkt.
Herfst
Afgelopen september reis ik voor de tweede keer af naar Helsinki. Gelukkig heb ik meer tijd om ook nog iets van de omgeving van Helsinki te kunnen zien. De herfst is een mooi seizoen om kennis te maken met de natuur van het land. Niet alleen word je verrast door de talloze kleuren van de bossen, ook staan er vele soorten paddenstoelen overal langs de kant van de weg en dieper de bossen in. Ik spreek een paar Finnen die zelf paddenstoelen aan het zoeken zijn en zij laten mij zien welke eetbaar zijn. Door de klimaatverandering komt het seizoen voor paddenstoelen wel langzamer op gang, vertellen ze. In de supermarkten liggen diverse soorten die je kunt gebruiken in je eten, wel zo veilig…
Voorop met vegan
Wat direct de aandacht trekt in Finland is het enorme aanbod aan producten die vrij zijn van melk, ei of andere dierlijke ingrediënten. Niet alleen in de supermarkt, ook in cafés, restaurants en tijdens mijn congres met meer dan zesduizend bezoekers is vegan eerder regel dan uitzondering. Een aangename verrassing en echt een prettig gegeven voor mensen met allergie voor melk, ei of daaraan verwante producten.
Wat verder opvalt, is dat het assortiment vrij uitgebreid is, zelfs in de wat kleinere supermarkten. Dus niet één en dezelfde soort allergeenvrije kaas maar wel keus uit vijf soorten. Dit geldt ook voor het aanbod aan zuivelproducten op basis van soja en haver. Omdat ik graag van alles wil proberen, test ik onder andere haveryoghurt, smeerkaas van haverdrinkleverancier Oatley en ga ik bij een hamburgerrestaurant eten waar alleen vegan-hamburgers worden gemaakt. Bun2Bun is een keten van restaurants in Finland met alleen maar vegan-hamburgers. Wat een feest!
Waarom aandacht voor eten en allergie?
Wat maakt toch dat er in een land zo veel aandacht is voor (gezond) eten en ook voor allergie? Zou het te maken hebben met de liefde voor de natuur die de Finnen al van jongs af aan meekrijgen? Of heeft het toch meer te maken met de aanwezige landbouwproducten in het land?
Van een Finse collega begrijp ik dat met name het aanbod aan vegan-restaurants in Helsinki de laatste jaren enorm is toegenomen. Binnen de supermarkten bestaat er al langer een divers aanbod aan producten op basis van soja, haver of rijst. En ja, dat heeft deels ook met de focus van de Finnen op de natuur en de omgeving te maken en de landbouw, maar ook omdat het land – zoals al eerder vermeld – vooruitloopt op een aantal andere landen in Europa. Trendsetters dus.
Allergenen goed op de menukaart
Tijdens mijn bezoek aan één van de supermarkten in de stad ontdek ik ook ‘melk’ op basis van boekweit. Iedere keer als ik een nieuwe winkel of een café binnenkom, ben ik plaatsvervangend blij voor al die mensen die graag serieus willen worden genomen met voedselallergie. En dat geldt niet alleen voor mensen met een allergie voor melk, ei of noten. Over het algemeen zijn de allergenen goed en duidelijk vermeld op menukaarten en vindt men het geen probleem om daarmee rekening te houden. Bovendien wordt er heel goed Engels gesproken, zowel in de stad als daarbuiten. Dat maakt de communicatie een stuk eenvoudiger, want de Finse taal is erg ingewikkeld en lijkt op geen enkele andere taal.
Twee aparte melkschuimers
Er wordt veel vis gegeten in Finland, maar voor mensen met een allergie voor vis zijn er genoeg alternatieven. Tijdens het congres met veel bezoekers worden er bijvoorbeeld falafels geserveerd voor mensen die geen zalm willen of kunnen eten. De mayonaise die erbij wordt geserveerd is vrij van melk, ei en mosterd. En bij de rij voor de koffie staan twee aparte melkschuimers voor mensen die liever soja- of havermelk in hun koffie drinken. Zo kan het dus ook, denk ik bij mijzelf. Dat de Finnen soms wat verlegen en introvert overkomen, neem ik maar voor lief. Voor mij staat in ieder geval vast dat Finland voor mensen met voedselallergie een prima bestemming is voor werk of voor vakantie.
by Marije | mei 1, 2020 | Allergie Blog, Artikelen, Nieuwsberichten |
Allergisch in… Oekraïne
In mei 2019 reisde Marije Bedaux een ruime week door Oekraïne en genoot van het prachtige land met zijn bijzondere geschiedenis. Als moeder van een allergische dochter bekeek ze Oekraïne ook met een ‘allergiebril’ op. Haar indruk: buiten de deur eten is met voedselallergie lastig, ook vanwege de taal. Als je zelf kookt, red je je waarschijnlijk wel, want het land heeft voldoende te bieden aan verse producten.
De hoofdstad Kiev was voor mij geen onbekende stad, maar de rest van het land was dat des te meer. Samen met een kleine groep reisgenoten verkende ik de veelzijdige stad Kiev, maakte ik een expeditie naar Tsjernobyl en vervolgde ik mijn reis naar Odessa aan de Zwarte Zee. Ik bezocht vele musea, vermaakte mij met opera en ballet van het hoogste niveau en dompelde me onder in de nogal grillige en heftige geschiedenis van dit land. En zeer indrukwekkende reis op vele fronten. Ook op culinair gebied word je als reiziger niet teleurgesteld.
Of het voor mensen met voedselallergie een geschikte bestemming is? Makkelijk is het zeker niet. Wat wel als een paal boven water staat, is dat het lang niet altijd mogelijk is om in het Engels te communiceren, met uitzondering van enkele steden waar in sommige restaurants en of cafés vooral de jeugd redelijk Engels spreekt. Enige kennis van het Russisch of, nog beter, het Oekraïens, maakt het wel eenvoudiger. Gelukkig spreek ik de taal redelijk goed en kan ik het Cyrillisch alfabet lezen, maar ook voor mij was het soms lastig.
Grensland
Oekraïne betekent letterlijk vertaald ‘grensland’. Het land is pas sinds 1991 een onafhankelijke republiek. Daarvoor behoorde Oekraïne tot de Sovjet-Unie. Verder terug in de geschiedenis maakte het land deel uit van onder andere Polen, het Habsburgse Rijk en ook nazi-Duitsland. Het betreft een enorm uitgestrekt gebied en is qua oppervlakte het tweede land van Europa, uitgaande van het Oeralgebergte als grens. Er wonen nu ruim 45 miljoen mensen. Het land is de afgelopen jaren vaak onderwerp van gesprek geweest: verschillende revoluties, de neergehaalde vlucht MH17, de oorlog in
Oekraïne, de bezetting van de Krim door Rusland, het referendum en recent de nieuwe president die hiervoor als komiek optrad in een landelijke tv-serie. Verder terug in de geschiedenis praten we over de nucleaire ramp bij Tsjernobyl in 1986, de Koude Oorlog, de terreur van Stalin en de Tweede Wereldoorlog die veel sporen heeft nagelaten. Oekraïne werd altijd aangeduid als de ‘graanschuur’ van Rusland. Een heel vruchtbaar land, zo blijkt ook tijdens mijn rondreis, en een heel hoge landbouwproductiviteit. Agrarische producten vormen de basis van de keuken.
Keuken
Bekend om zijn grote diversiteit en boeiende smaken heeft de Oekraïense keuken een aantal (historische) invloeden ondergaan, waaronder de Russische, Poolse, Duitse en Turkse. Populaire ingrediënten in de keuken zijn vlees, paddenstoelen, groenten, bessen, fruit en kruiden. Omdat Oekraïne de ‘graanschuur van Europa’ is, is brood in dit
land een basisproduct, dat op zeer veel wijzen wordt bereid. Ook eten ze hier relatief veel taarten, vaak gezoet met noten of met noten als basisingrediënt in plaats van meel. Bekend is bijvoorbeeld de Kiev-taart, met onder meer pistachenoten aan de buitenkant. In veel bakkerijen kun je deze lekkernij krijgen. Maar niet echt gemaakt voor mensen met voedselallergie voor noten, melk en eieren…
Eten buiten de deur
Wat mij opviel, is dat het voor vegetariërs lastig is om eten te bestellen. Regelmatig vroeg ik mij af hoe er dan met voedselallergie zou worden omgegaan als het bestellen van vegetarisch eten al zo lastig is… Soms besteedde de keuken aandacht aan een creatief gerecht, maar vaak hadden de vegetarische reisgenoten alleen de keuze uit een
salade of ‘borsjt’, de bekende bietensoep.
Verder heb ik niet of nauwelijks op menukaarten gelezen wat de mogelijkheden zijn voor mensen met voedselallergie. Het vermelden van allergenen in gerechten ben ik niet tegengekomen in restaurants of hotels. Natuurlijk heb ik maar een klein gedeelte van de horeca kunnen bezoeken, maar het geeft wel te denken.
Voor mensen met voedselallergie vormen veel gerechten in dit land een uitdaging. Zo wordt aan veel gerechten zure room of kwark toegevoegd. Onze gids vertelde zelfs dat dit het enige product is dat zij mist als ze soms in het buitenland reist. Verder vormen yoghurt, kefir en andere melkproducten vaak de basis van een maaltijd. Niet ideaal voor mensen met een allergie voor melkproducten. Sojaproducten heb ik niet of nauwelijks gezien, behalve een enkele keer in een kleine supermarkt in de stad Odessa. Daar stond ook havermelk en lactosevrije melk.
In veel gerechten bevinden zich noten, niet echt makkelijk voor mensen met een notenallergie. Een populair gerecht is Kip Kiev, kipfilet gevuld met kruidenboter en omhuld met een laag broodkruim en eieren, gefrituurd in olie of boter… ook niet echt ‘allergievriendelijk’.
In Kiev en Odessa bevinden zich fastfoodrestaurants, zoals McDonald’s. De lokale fastfoodketen Puzata Khata is razend populair en biedt goedkoop en degelijk eten met veel basisproducten, en ontbijt met worst en eieren. Ze vermelden geen allergenen en ingrediënten, wel is er de mogelijkheid om iets van het buffet te kiezen. Verder vind je in Kiev en Odessa veel leuke koffietenten waar je heerlijk koffie kunt drinken al dan niet met lekkernijen of broodjes erbij. In deze steden kun je overigens ook heel goed en chic uit eten gaan. Wellicht dat er in deze restaurants meer aandacht is voor voedselallergie, maar dat blijft gissen.
Vers op de markt
De markten hebben veel aanbod van verse groenten en fruit, ingemaakte tomaten en
augurken, en verse vis (met name aan zee in Odessa). Daar kun je af en toe ook de
bekende kaviaar vinden in blikjes tegen betaalbare prijzen. Maar dat lijkt mij geen optie
voor mensen met een allergie voor vis en of schaal-schelpdieren…
Chocoladepresident
De vorige president Petro Porosjenko was niet alleen een bekend man vanwege zijn politieke activiteiten. Naast zijn presidentschap voerde hij nog een ander beroep uit: het ondernemerschap. Hij is nog steeds eigenaar van het bekende chocolade- en snoepmerk Roshen. Roshen is een deel van de naam Porosjenko. Ik vond dit bij mijn eerste bezoek al heel opmerkzaam, een president die in chocolade handelt. Inmiddels is Porosjenko geen president meer, maar blijven zijn winkels bestaan en verkopen de meeste supermarkten nog Roshen-chocoladerepen.
Eten in Tsjernobyl
Last but not least: tijdens de excursie naar Tsjernobyl kregen we een lunch aangeboden in de kantine van de fabriek naast de kerncentrale. We aten in dezelfde eetzaal als de medewerkers die er nu nog werken. Niet geheel allergeenvrij (room in de soep en een dressing over de salade met onduidelijke ingrediënten), maar wel één van de bijzonderste lunchlocaties die ik heb bezocht. Oekraïne is een prachtig land om te reizen, maar kennis van de taal is echt nodig om voedselallergie bespreekbaar te maken, vooral ook buiten de steden. Als je zelf wilt en kunt koken is dat een goed alternatief, want het land heeft voldoende te bieden aan verse producten