Zo blij met ei?
Misschien herkenbaar: je kind heeft nooit ei/melk/pinda (vul maar in) gegeten, omdat het er allergisch voor is. Na een provocatietest in het ziekenhuis blijkt de allergie op zijn retour en krijg je het dringende advies van de allergoloog om het allergeen thuis te introduceren. Iets wat altijd verboden was, móet je nu eten. Dat gaat niet zonder slag en stoot.
Dat voedselallergie een continu proces inhoudt van wikken en wegen, coachen en reflecteren is mij de afgelopen periode weer eens goed duidelijk geworden. Net op het moment dat je denkt dat je de situatie onder controle hebt en dat je inmiddels wel bekwaam bent in het omgaan met allergieën, word je weer teruggezet naar het begin. Het voelt soms als een spelletje Monopoly waar je goed op weg bent en je onverwacht terug moet naar ‘start’. En dan weer vol energie opnieuw moet beginnen.
Voor mij liggen de brochures van het ziekenhuis getiteld ‘Introductie kippenei na provocatie’ en een leeg voedseldagboek dat dient te worden ingevuld gedurende een periode van zes weken na de provocatie. Met de nadruk op ‘leeg’. Inmiddels is het ruim twee maanden geleden dat er bij onze dochter Tess een voedselprovocatietest voor kippenei is afgenomen. Daaruit is gebleken dat we langzaam kunnen beginnen met de introductie van ei in kleine hoeveelheden.
Die ‘negatieve’ test laat zien dat er gelukkig geen aanwijzing meer is voor een voedselallergie; er zullen in elk geval hopelijk geen ernstige reacties meer optreden. Er is alle reden voor opluchting en enthousiasme. Bovendien het leidt tot meer mogelijkheden en meer variatie in het dagelijks eetpatroon, niet al teveel zorgen bij het eten van producten die deels ei bevatten en mogelijk in de toekomst een gebakken ei waar onze dochter zo naar uitkijkt…
Direct aan de pannenkoek
Hoe gaan we dat aanpakken? Na de test, op weg naar huis fantaseren we over allerlei gerechten die we nu ineens kunnen bereiden. Thuis gaan we enthousiast van start met het maken van pannenkoeken en Tess probeert een klein stukje met stroop. Dat hadden we beter niet kunnen doen, want een half uur later zit ze misselijk op de bank met een teiltje naast zich. Niet de gewenste situatie, zachtjes uitgedrukt.
Hoe schuldig voel ik mij als ik daarna in de brochure lees dat we pannenkoeken pas op een later moment kunnen introduceren en dat het beter is om te beginnen met een koekje of crackertje… Waarom heb ik niet eerst zorgvuldig de brochure doorgenomen? Ik ben bang te moeten constateren dat ik met al onze ervaringen en expertise meende te weten hoe we te werk moesten gaan. En onze dochter had vlak voordat ze een stukje pannenkoek at nog gevraagd of het echt wel kon, een stukje proberen zonder misselijk te worden of te moeten overgeven. Het opgebouwde vertrouwen in de kennis en kunde van de ouders lijkt als een kaartenhuis in elkaar te storten. Na het enigszins mislukte experiment wil onze dochter voorlopig niet meewerken aan het introduceren van ei in haar dieet. Zelfs een heel klein stukje van een koekje gaat er niet in, al weet ze dat ze dit al eerder zonder problemen heeft gegeten. Ik kan me goed voorstellen dat ze nu even alle deuren voor de introductie van ei dichtgooit. Maar hoe nu verder? Weer opnieuw beginnen, op dezelfde manier?
En dan belt de allergoloog
Kort na de provocatietest belt de allergoloog om te vragen hoe de introductie van ei thuis verloopt. Schoorvoetend beken ik dat het proces nog niet zo loopt als we hadden gehoopt en dat we eigenlijk een beetje moeite hebben met iets wat zo eenvoudig lijkt: het introduceren van kleine hoeveelheden voedsel. Het ziet er zo eenvoudig uit en er zijn genoeg mogelijkheden. Daarbij speelt ook dat onze dochter meer een type is van hartig en zout eten dan van koekjes, taart of cake, waarvan je makkelijk kruimels kunt aanbieden. We krijgen verschillende adviezen en tips om verder te gaan met de introductie. En vol goede moed beginnen we opnieuw, althans, dat is het goede voornemen. Maar dat er meer bij komt kijken dan het verzinnen van alternatieven, zoals bijvoorbeeld het bestrijken van baksels uit de oven met een beetje ei, wordt al snel duidelijk. Oude patronen van het altijd vermijden van ei in het dagelijkse dieet blijken behoorlijk te zijn vastgeroest. Als je al die jaren gerechten hebt gekookt zonder ei en boodschappen hebt gedaan met het speuren op etiketten naar ei is het nog niet zo eenvoudig om opnieuw te beginnen.
Dat patroon doorbreken is wellicht meer een persoonlijke kwestie van ons – de ouders – dan van onze dochter. Wij bepalen immers welke boodschappen worden gedaan en wat er op tafel komt. En gek genoeg willen we niets liever dan dat ze op enig moment zonder problemen een heel ei kan eten.
Motivatie en omstandigheden
Echt veranderen is moeilijk, want je moet iets doen wat je heel ingewikkeld vindt: in dit geval het verzinnen van nieuwe manieren om voorzichtig ei te introduceren in een voedingspatroon van een ander. We stellen het liever uit of haken halverwege onze veranderpoging af. Om het een tijd later weer te proberen: nu gaat het echt lukken. Denkend dat het aan onze motivatie ligt. Er is echter meer voor nodig om te veranderen, de omstandigheden spelen zo mogelijk een nog grotere rol.
Het kan erg helpen om in een dergelijk situatie na te gaan welke waarden wij eigenlijk belangrijk vinden. Waarom? Omdat wij in de dagelijkse praktijk vaak gehoor geven aan impulsen, ook al willen we graag wat anders. Als wij thuiskomen en nog eten moeten koken, kiezen we eerder voor makkelijk en niet te ingewikkeld. Op zo’n moment zijn wij eerder geneigd om te denken: ‘Dat nieuwe gerecht komt morgen wel’ of ‘In het weekend hebben we meer tijd om iets te bakken en er een beetje ei op te doen’. Herkenbaar?Als het voor jezelf duidelijk is welke waarden belangrijk zijn, kun je daarop terugvallen. Op moeilijke momenten jezelf aan deze waarden herinneren kan namelijk helpen om impulsen te onderdrukken. Voor ons gezin zijn de waarden gezondheid, veiligheid en openheid belangrijk. Dat brengt met zich mee dat we transparant willen zijn naar onze dochter nu ze de leeftijd heeft om hierover te communiceren. Stiekem ei verwerken in een gerecht gaan wij dus niet proberen. En dat maakt ook dat we extra tijd en moeite moeten stoppen in het introductieproces, meer dan dat we van tevoren hadden bedacht. Haar gezondheid staat immers bovenaan.
Wat is verder nog raadzaam?
De kans om te veranderen vergroot je door te anticiperen op lastige situaties en door plannen te maken hoe je problemen kunt aanpakken. Als je vooraf over mogelijke bezwaren of hindernissen nadenkt en hoe je deze kunt ontkrachten, zorg je ervoor dat je niet overvallen wordt op het moment zelf. Verder is het gewoon een kwestie van doen en volhouden. De eerste stap moeten wij zelf zetten. Vanavond gaan wij een gerecht van bladerdeeg maken dat we zullen bestrijken met ei. Weliswaar in de vakantie, dus we hebben alle tijd, maar daardoor wel realiseerbaar.
Ik wens alle mensen die eenzelfde traject doorlopen heel veel succes met het vaststellen van de persoonlijke waarden en met het zetten van de eerste stap. En wellicht biedt de uitspraak van Erasmus een beetje houvast: ‘Wie durft te verdwalen, vindt nieuwe wegen’.